
Op 1 april schreef Marion de Boo in de Wetenschaps-
bijlage van het NRC Handelsblad: Naarmate ons klimaat verandert en
steeds natter en wisselvalliger wordt, heeft drijvend wonen
onmiskenbare voordelen. Het idee roept bij veel mensen mooie visioenen
op van sfeervol wonen, omringd door eendjes en kabbelende golven. „Maar
daarvoor kun je net zo goed, of beter, langs de oever wonen, of in een
huis op palen in het water”, zegt ontwerper Ties Rijcken. „De echte
charme van drijvend wonen is vooral dat je je huis kunt verplaatsen.”
„Om te beginnen beweegt een drijvend huis op en neer met het waterpeil. Door combinaties van waterberging en drijvend wonen wordt onze schaarse ruimte beter benut. Waterbeheerders kunnen flexibeler omgaan met het streefpeil zonder dat bewoners meteen klagen dat hun houten funderingen droogvallen. „Bovendien is het leuk dat een drijvend huis kan varen. Het wordt in de fabriek helemaal afgebouwd, zonder bouwoverlast op locatie en zonder oplopende rentelasten voor kavels die wél gekocht, maar nog niet bewoond zijn. Nederland kent een stuk of tien gespecialiseerde arkenbouwers, die mooie drijvende woningen leveren. Na gebruik kan het huis in een loods of dok worden opgeknapt en weer doorverkocht. Dat is beter voor het milieu.”
Waar leg je aan met zo’n drijvend huis?„De Stuurgroep Experimentele Volkshuisvesting, waarik adviseur ben,
heeft een drijvende nutseenheid laten ontwerpen door het bedrijf
Deltasync. In zo’n nutseenheid, een soort langwerpige drijvende
steiger, zijn nutsvoorzieningen zoals energievoorziening, water en
riolering kant- en-klaar geïntegreerd. Rondom die steigers kunnen
drijvende woningen aanleggen en meteen inpluggen op de
nutsvoorzieningen.
„We hebben een high tech-ontwerp gemaakt voor een drijvend eiland, met
eigen waterzuiveringsinstallaties, warmtepompen, zonnepanelen
enzovoorts. Alleen een eigen drinkwaterstation bleek te hoog gegrepen.
Rondom zo’n steiger kan in een week tijd een woonwijk met twintig tot
dertig drijvende woningen verrijzen, en die eenheden kun je koppelen.
Zo ontstaat een drijvende stad, middenin een grote waterpartij,
misschien wel op het Markermeer.
„Als je meer gaat verdienen kun je je drijvende woning vervangen door
een groter, mooier exemplaar. En omgekeerd kun je ook makkelijk kleiner
gaan wonen
zonder dat je hoeft te verhuizen.”
„Dan
zoek je gewoon een andere waterkavel. Verplaatsbaarheid zou ook
aantrekkelijk zijn voor nutsgebouwen. Denk bijvoorbeeld aan een
theaterboot, die af en toe eens ergens anders aanlegt. De gemeente
Zaandam heeft plannen voor een soort biblioboot, een drijvende
bibliotheek. De enige beperking aan zo’n gebouw is dat het niet groter
dan dertig bij zeven meter mag zijn, anders past het niet door de
sluizen.”
(c) Marion de Boo en NRC Handelsblad. Bovenstaande text verscheen naar aanleiding van de voordracht van Ties Rijcken voor het Studium Generale van de TU Delft.

Home







translate :
