Word redacteur
|
Online bekijken : http://boleuzia.wordpress.com/2009/...
“The Cat”, een verhaal waarin de tienjarige Peter en zijn kat van gedaante wisselen, had haast van Roald Dahl kunnen zijn. Het bewandelt diezelfde fijne grens tussen opmerkelijke verbeelding, humor en donkerheid. De toon wordt eigenlijk aangehouden doorheen de zeven gelinkte verhalen in The Daydreamer. In zijn inleiding, waarin McEwan had om God weet wat voor reden nodig acht om zijn beslissing om een kinderboek te schrijven te verdedigen, suggereert hij dat volwassenen eigenlijk niet echt van kinderboeken houden: “Do we really mean it, do we still enjoy them, or are we speaking up for, and keeping the lines open to, our lost, nearly forgotten selves? When exactly did you last curl up alone with The Swiss Family Robinson?” Daarop besloot hij om een boek over een kind te schrijven voor volwassenen, maar in een taal die kinderen zouden kunnen begrijpen. Ik heb er niet genoeg ervaring mee, maar ik ga ervan uit dat goede kinderliteratuur sowieso ook in de smaak kan vallen bij volwassenen, tenzij de thema’s zich net beperken tot datgene waar de volwassene in kwestie geen voeling (meer) mee heeft (verjaardagsfeestjes, puppies, soft drugs, of weet ik veel waar kinderen de dag van vandaag mee bezig zijn). Sinds de opkomst van de Harry Potter-boeken is echter vaak genoeg bewezen dat kinderen en volwassenen wel vaker dezelfde smaak delen. Ook bij The Daydreamer zal dat het geval zijn, omdat het voor kinderen die al eens een boek vastnemen best herkenbaar zal zijn, net zoals het een belletje doet rinkelen bij volwassenen die zich ooit overgeleverd wisten aan hun verbeelding. Uiteindelijk is het boek ook niet meer dan dat: een eerbetoon aan de verbeelding vol verbeelding. Peter is een tienjarige dagdromer die in zijn staat tussen bewust besef en dagdromerijen avonturen beleeft (een gevecht aangaat met de poppencollectie van zijn zus), de wildste gedaanteverwisselingen ondergaat (hij wordt een kat, een peuter en mag even proeven van het volwassen leven), een dief die de buurt teistert ontmaskert en ontdekt dat de lokale pestkop eigenlijk nog niet zo erg is. De verhalen zijn lichtvoetig, maar geschreven met bedachtzaamheid, subtiliteit en een natuurlijke flow die het waarschijnlijk ook geschikt maakt om het voor te lezen (of van buiten te leren en af te rammelen). Al bij al een innemend pareltje dat de wonderlijke, kinderlijke naïviteit die voorafgaat aan het cynisme dat bij ouder worden komt kijken op mooie wijze weet te vertalen in herkenbare, fantasierijke en meeslepende verhalen die ondanks hun beknoptheid en eenvoud indruk maken. (****)
Ik las een versie zonder illustraties, maar vermoed dat het mét nog beter zal zijn.
Een reactie toevoegen |
?
De laatste artikelen van Guy : Andere artikels: DroomGEDICHTEN van ISABELLE W. (GoNo) De Amerikaanse droom (Peter Decroubele) |